Lees meer

Theraplay wordt ingezet bij:
* Boosheid, agressie, opstandig, controlerend en/of dominant gedrag van het kin
* Angstig, verlegen, teruggetrokken gedrag en/of te aanhankelijk en claimend gedrag van het kind
* Hechtingsproblemen als gevolg van adoptie of uithuisplaatsing(en); een geschiedenis van trauma en/of verwaarlozing
* Problemen in de ouder-kind relatie als gevolg van (echt)scheiding of het wegvallen van een van de ouders.
* kinderen met ontwikkelingsproblemen, zoals ASS, ADHD of een verstandelijke beperking.
* Opvoedingsonzekerheid van de ouder(s): doe ik het wel goed?  Theraplay wordt zowel toegepast bij biologische families als bij adoptie- of pleeggezinnen. Het opbouwen van een gehechtheidsrelatie met een niet-biologisch kind kan soms extra problemen opleveren.

Ouders kunnen worden doorverwezen door de huisarts, het wijkteam of andere
hulpverleners, maar kunnen zich ook zelf aanmelden als zij merken dat de situatie thuis niet
helemaal soepel verloopt. Soms ook adviseert de school om hulp te zoeken voor een kind
met sociale en/of emotionele problemen.